Tagarchief: Fennek MRAT

Go anywhere, do anything: Tanks!

Zoals ik onlangs via twitter aan de minister van Defensie beloofde zou ik terugkomen op het Zelfstandig opperende tank eskadrons concept dat ik zelf bedacht heb. Nou ja zelf…. Er is in diverse landen uitgebreid studie gedaan naar de mogelijkheden om tanks effectiever te laten opereren.  Het komt nog niet zo veel voor… maar dat komt ook omdat o.a. in de VS de ontwikkelingen van dit wapensysteem zijn stopgezet. Voor ik verder in ga op een relatief betaalbare oplossing maak ik eerst even een zijstapje naar de Verenigde Staten.

Te duur om te annuleren?
Vaak wordt over het gigantische JSF concept gezegd dat dit te duur is om te annuleren. “Too big to fail”.  Ook voor de Nederlandse keuze en de industrie is dat het argument bij uitstek. Maar… In de VS denkt men daar heel anders over: De afgelopen jaren heeft men diverse projecten met een geschatte waarde van $ 46 miljard dollar, voortijdig moeten staken. Of omdat het concept tijdens de tests niet bleek te werken…. Of om geld vrij te maken voor belangrijkere projecten, met name de JSF…  Jammer genoeg zaten hier ook enkele “doorontwikkelingen” bij zoals bijvoorbeeld de Land Attack Standard Missile[i] [ii]. Dit even terzijde om aan te geven dat er soms hele dure projecten gestart en geannuleerd worden. Of veel te dure en overbodige projecten als de JSF worden wel doorgezet wat ten koste gaat van operationele capaciteiten elders bij de krijgsmacht. Bijvoorbeeld de tank.

Tanks
Vaak wordt gezegd dat het hebben en gebruiken van tanks een achterhaald principe is. In veel gevallen is het argument ook gebruikt: “We zetten de tanks niet operationeel in dus ze waren overbodig…”. Maar dit is een echt gelegenheidsargument. Want andere landen zetten hun tanks wel in, in voormalig republiek Joegoslavië  >Denemarken, Afghanistan > Canada[iii], Denemarken. Om maar wat voorbeelden te noemen.  Na verloop van tijd lekte uit dat ook in Nederland cavaleristen hebben getracht om uitzendingen met tanks gerealiseerd te krijgen. Uiteindelijk is dit puur en alleen om politieke redenen niet gebeurt. En waar dat toe kan lijden herinneren we ons vast nog wel als we terug denken aan Srebrenica.  Welke politicus heeft zijn verantwoordelijkheid genomen voor het niet meesturen van Leopard tanks? Het verwijderen van 25mm geschut van de YPR.. waardoor de voertuigen slechter bewapend waren (on…) en uit balans omdat er een flink gewicht was verwijderd?

Lahat_Firing_Leopard_2A4

En nu hebben we recentere politici, voormalig Minister Hillen van het CDA die de beslissing heeft genomen de tanks af te serveren… en nu nog altijd gesteund door minister Hennis die daarachter blijft staan. Alles omdat er nu eenmaal geen geld voor is.  Dit is betrekkelijk: de minister kiest er persoonlijk, bewust weloverwogen voor om het geld anders te besteden…. Namelijk aan 85, oh nee, 68, oh nee, 57, oh nee…….. 35 plus 2 (test) JSF als antwoord op alles. 24/7 en onder alle omstandigheden!

Dit alles zonder er voor te zorgen dat er vervangende gevechtskracht blijft bij de land- en zee dimensies, waar het uiteindelijk wel om draait. Want laten we wel wezen…. Ons eten groeit op het land en onze welvaart komt over zee!  Het kan ook anders!

Cavalerie van de 21e eeuw
In het eerder geplaatste blog: “Details van de Landstrijdkrachten” heb ik al beschreven dat in DutchForce21 de cavalerie zal worden ondergebracht in Een “administratieve” groep. De Combat Support Group. Hierin worden alle Cavalerie, Artillerie, Luchtdoelartillerie en Genie eenheden geclusterd. Binnen deze groep zijn er 4 clusters te weten: Cavalerie, Artillerie, Luchtdoel artillerie en genie. De groep Cavalerie omvat uitgaande van de vierslag vier gemechaniseerde verkenningseskadrons(Fennek) en twee zware tank eskadrons (Leopard2A6+Fennek).

Pantser
Van houdsher verschaft het tankwapen de landstrijdkrachten capaciteit om escalatiedominantie te genereren. Tanks kunnen zowel ter ondersteuning van lichte en zware infanterie optreden. De ondersteuning en zelfs integratie met zware pansterinfanterie is van houdsher de voornaamste manier van optreden. Maar in de toekomst is het door gebruik te maken van nieuwe munitie en sensorsystemen nog beter mogelijk om ook lichte infanterie en Special Forces operationeel te ondersteunen door gebruik te maken van de ultieme capaciteit van de tank: mobiliteit en gevechtskracht!

Lees verder

Advertenties

Future Force Conference 2013: ‘sense of urgency’

Deze week vind de Future Force Conference 2013 in Amsterdam plaats. Deze Conferentie is bedoeld om de nieuwe inrichting van de Koninklijke landmacht – de landcomponent van de Krijgsmacht – tegen het daglicht te houden. Positief ingesteld als ik ben, kan deze conferentie een “turning point” worden, want laten we eerlijk wezen –  de Landstrijdkrachten zijn volledig uitgemergeld!

Tandeloos = nutteloos!
De tanden zijn uit de muil van de tijger gevallen (niet geslagen door een vijand….) Laten we even kort het lijstje afgaan:

Capaciteit / wapensysteem Beschikbaarheid
Tanks (rechtbaanvuur bereik 3km) Geen capaciteit beschikbaar
PRTL / nabijheidsluchtverdediging Geen capaciteit beschikbaar
MLRS / long range strike Geen capaciteit beschikbaar
155 mm PH2000 Zware artillerie
  •   Met nadruk op zwaar, van de 60 systemen zijn   er nog slechts klein aantal in gebruik.
  •   Hoe de luchtmobiele en gemotoriseerde eenheden   te ondersteunen?
PRAT / Anti tank c.q. Long Range Guided Weapon UNDER ARMOUR (>2,5km)
  •   Niet beschikbaar;
  •   de Fennek MRAT zoals bekend voertuig verlaten,   en afvuren met een veel te kleine voorraad van slechts 1 vuurbuis en 10   reloads per 2 voertuigen.
120mm mortieren
  •   Zeer beperkt beschikbaar;
  •   níet meer organiek aan infanterie bataljons   maar ondergebracht binnen artillerie;
  •   Geen smart ammunition beschikbaar.
81mm mortier
  •   Redelijk beschikbaar;
  •   Geen smart ammunition beschikbaar.
Medium calibre wapens
  •   Alleen CV90 beperkt –minus  44 voertuigen;
  •   alleen de Gemechaniseerde infanterie;
  •   Luchtmobiel en gemotoriseerd geen capaciteit.

Volgens mij weet iedere Generaal, al dan niet in het bezit van een leunstoel, dat deze situatie onhoudbaar is. The time to change is NOW! Of aldus John Kotter :

Eight Steps to Transforming Your Organization

 1.Voelbaar, zichtbaar maken van de noodzaak (‘sense of urgency’: ‘gevoel van urgentie’)

 2.Instellen van een krachtige stuurgroep met voldoende middelen, om de noodzakelijke verandering te leiden

 3.Ontwikkelen van een richtinggevende visie annex strategieën om die visie te realiseren

 4.Communiceren van de nieuwe visie

 5.Stimuleren en mogelijk maken conform de nieuwe visie te handelen

 6.Zorgen voor zichtbare kortetermijnsuccessen

 7.Consolideren van verbeteringen en blijven doorvoeren van veranderingen

 8.Veranderingen verankeren in de bedrijfscultuur

En laten we wel wezen, als we bovenstaand overzicht bekijken en beseffen dat we 3 brigades overhouden met gemiddeld 2,33 manouvrebataljons (plus de twee nieuwe Marine Combat Groups (vreemde eenden….) zal het besef doordringen dat er een duidelijke ‘sense of urgency’  bestaat om te veranderen.  Laten we de oplossing voor alles(24/7 en natuurlijk gegarandeerd onder alle omstandigheden J )  – Airpower – toch even buiten beschouwing laten.

Laat onze dames en heren tijdens de conferentie toch alsjeblieft nadenken over het terugkrijgen van zo veel mogelijk gevechtskracht en escalatiedominantie. Oplossingen hoeven naar mijn mening helemaal niet duur te zijn…

Aan de hand van de nota ‘in het belang van Nederland’. Hier toch maar wat gedachtenspinsels…

Algemeen landcomponent

  • Wat zijn de operationele consequenties voor de inzetbaarheid van alle manoeuvrebataljons.
  • Waarom kiest men in deze opzet voor het hebben van 2 brigades met slechts 2 bataljons ipv één gemechaniseerde brigade met 4 bataljons?
  • Hebben Brigades met slechts 2 manoeuvrebataljons niet te weinig manoeuvre eenheden en daardoor een gebrek aan reservecapaciteit?
  • Kan men met 2 á 3 gespecialiseerde bataljons nog wel langdurigere commitment aangaan als het gaat om expeditionaire inzetbaarheid tbv vrede- en opbouwende missies voor de VN?
  • Hoe vangt met het gemis aan gevechtskracht op (geen tanks, weinig artillerie, geen Long-Range Guided Weapons..)
  • De Bushmasters en andere specifieke voertuigen worden nu door alle manoeuvrebataljons gebruikt tijdens humanitaire en vredesmissies (zoals Afghanistan) Hoe werkt dat als straks deze voertuigen vast worden ondergebracht bij de 13e brigade, terwijl de voertuigen eigenlijk op uitzending moeten, bijvoorbeeld met eenheden van de luchtmobiele brigade of de gemechaniseerde brigade? Beperkt dit de flexibiliteit van de landmacht (en korps mariniers) niet juist enorm?
  • Is het verstandig om de brigadehoofdkwartieren verantwoordelijk te laten zijn voor regionale militaire bijstand en de aansturing van de Natres bataljons?

Korps Mariniers –
Hoewel dit officieel geen onderdeel is van deze nota en kamerbrief is, is het toch relatief belangrijk gezien de consequenties voor de manoeuvrebataljons.

  • Wat is de positie van de mariniersbataljons in het kader van deze reorganisatie? Kan dit lostrekken van de mariniers uit de operationele inzet, zoals veelvuldig in Uruzgan gedemonstreerd is, in de nieuwe situatie ook gewoon?
  • Kunnen de mariniers deze verregaande specialisatie wel combineren met de blijvende operationele inzet?
  • Waarom juist deze reorganisatie (naar Marine Combat Units) waarmee de mariniers zich distantiëren van de landmacht eenheden. (andere inzetgebieden, andere structuur, andere wapens.
  • Zouden de mariniers juist niet moeten streven naar meer gelijkwaardigheid en zich moeten inpassen in het roulatieschema ipv zich er uit terug te trekken?
  • Hoe ziet men de ondersteuning door landmachteenheden voor zich als men de structuren van de Mariniers zodanig veranderd dat die volledig anders is dan landmachteenheden? (zelfs gebruik van standaard termen als bataljon, compagnie, peloton worden in de nieuwe organisatie niet meer gebruikt. )

43e gemechaniseerde brigade –
43 Mechbrig blijft onze gemechaniseerde capaciteit, geconcentreerd in Havelte. In de nabije toekomst wordt een pantserinfanteriecompagnie gelegerd in Amersfoort en omgevormd tot test- en experimenteereenheid. Een nog te bepalen Duitse brigade wordt partner, de inzetgebieden zijn vooral Europa, Azië en het Midden-Oosten.

  • Wat gaat men doen aan het opvangen van de gebreken, artillerie, het ontbreken aan tanks etc.
  • Wat is precies de bedoeling van de test- en experimenteereenheid van compagnies grote?
  • Wat is precies de bedoeling van het partnerschap met een Duitse brigade? Is het de bedoeling om de brigade op den duur te laten fuseren bijvoorbeeld?
  • Waarom juist deze specifieke inzetgebieden/specialisaties voor deze brigade?

13e gemotoriseerde brigade –
13 Mechbrig gaat helemaal over op wiel, met Bushmasters en MB 280 CDI als kern. De helft van de 88 vrijkomende CV90’s wordt verkocht, de andere helft komt beschikbaar voor opleidingsdoeleinden, verbetering van de inzetbaarheid en de logistieke reserve. België en Frankrijk zijn de belangrijkste partners en het primaire inzetgebied is Afrika. Hiermee krijgt de krijgsmacht een organieke medium capaciteit.

  • Wat betekend het gemotoriseerd maken van de 13e brigade voor de gevechtskracht van de CLAS?
  • Hoe gaat men deze brigade inrichten?
  • Hoe kan men de huidige lichte/medium gepantserde voertuigen verbeteren zodat deze voor de taak inzetbaar zijn?
  • Hoe kan men enige gevechtskracht genereren door het toevoegen van nieuwe bewapening. Welke wapens zouden dan prioriteit moeten krijgen?
  • Wat is het nut van deze eenheid als ze zelf niets kan en voor gevechtskracht volledig afhankelijk is van anderen (airpower).
  • Hoe denkt men dat de samenwerking met de Belgen en Fransen vorm zal krijgen? Nederland gebruikt momenteel geheel andere wapensystemen, geheel andere organisatiestructuren. De Fransen en Belgen gebruiken zwaar bewapende pantserwielvoertuigen met o.a. tankjagers (90 tot 120mm geschut), 30mm medium wapensystemen en vanuit het voertuig lanceerbare anti-tankwapens.
  • Zijn er plannen voor het (zwaarder) bewapenen en aanpassen van Fennek, Boxer, Bushmaster en MB voertuigen?
  • Tot voor kort was het uitgangspunt van de landmacht dat het vormen van deze gemotoriseerde capaciteit juist negatieve gevolgen had en hogere kosten zou opleveren. Men moet tenslotte wéér een nieuwe soort eenheid inrichtingen, bewapenen, trainen en operationeel ondersteunen wat weer consequenties heeft voor budgetten en personele bezetting. (een hele opleidingslijn extra vanwege andere systemen, doctrine etc.) Hoe kan men deze veranderde inzichten beargumenteren?
  • Waarom juist deze specifieke inzetgebieden/specialisaties voor deze brigade?

11e luchtmobiele brigade –

11 AMB blijft zoals het is, versterkt met een eigen BVE, zoals vermeld in de Nota op Prinsjesdag. De brigade wordt geïntegreerd in de Duitse Division Schnelle Kräfte en blijft wereldwijd inzetbaar. De brigade is hiermee onze lichte capaciteit, uniek in Air Assault optreden.

  • Wanneer is de luchtmobiele brigade werkelijk als luchtmobiele brigade ingezet? En onder welke omstandigheden acht men dat werkelijk realiseerbaar?
  • De meeste missies van deze brigade waren toch zeker gewoon gemotoriseerd met Bushmasters in Uruzgan?
  • In hoeverre is de term initial entry werkelijk toepasselijk op de luchtmobiele brigade?
  • Wat bedoeld men precies met het samenwerken tussen het derde luchtmobiele bataljon en het KCT? Past dit in de reorganisatie die het Korps Mariniers doorvoert waarbij de bataljons Special Operations Capable worden gemaakt?
  • Wat houd de toevoeging van een eigen Brigade Verkenningseskadron precies in? Wat worden de taken van dit eskadron? Welke systemen krijgt het tot haar beschikking?
  • Wat zijn de specifieke inzetgebieden/specialisaties voor deze brigade? (tot nu toe trainden de luchtmobiele infanterie ook in Noorwegen/Schotland onder arctische omstandigheden bijvoorbeeld…

Materieel Verwerving door macho mannen; deel 2

Gisteren behandelde ik het Project Groot Pantser Wiel Voertuig met als ultiem eindresultaat: de Boxer. vandaag ga ik dieper in op het kleine broertje (of zusje) van die grote en (te) zware bakbeest, de Fennek. Overigens geloof ik heust wel dat de Fennek voldoet aan de eisen, tenminste in de verkenningsrol… waar het voor bedoeld is. Het is een goed product… alleen was het de prijs waard?

Tweede voorbeeld: Fennek
Met enige verbazing volg ik het hele project Kleine Pantserwiel Voertuigen waarbij de belangrijkste vraag is, Wat als? Was het eerst nog de bedoeling dat het Groot Pantser Wielvoertuig vrijwel alle taken van de verouderde YPR en M577 versies zou gaan overnemen, al snel (2000) bleek de Fennek deze taken ook te kunnen volbrengen. Terwijl in eerdere stukken van de toenmalige staatssecretaris stond dat andere voertuigen dan de Boxer niet aan de gewenste (technische en veiligheids)eisen voldeden. Dit was toen nog reden voor het DMO en de staatssecretaris om zonder opgave van reden het voorstel van de Zwitserse firma Mowag (via RDM) af te wijzen. Deze afwijzing is volgens mij mede veroorzaker van het faillissement van deze firma geworden, met als gevolg een verlies aan kennis en arbeidsplaatsen in de defensie-industrie. Overigens is de Piranha V inmiddels door de Britten verkozen boven het Boxer programma waar zij eerst in participeerden. De opgedane ervaringen in Irak en Afghanistan hebben hen doen besluiten zich terug te trekken uit het Boxer project, waar eerder Frankrijk zich al uit terugtrok.

PWV BoxerLandmachtdagen2009Teil3080

Lees verder

Materieel Verwerving door macho mannen!

De bezuinigingen op defensie zijn niet goed, dat heb ik al vaak gezegd. Maar tegelijkertijd ben ik van mening dat ook bij Defensie een verkeerde “cultuur” leeft. Een in zichzelf gekeerdheid. Een krampachtige drive om dingen erdoor te krijgen zoals “zij” dat willen… want wat weet de buitenwereld er van af? Dit zien we ook bij veel materieel verwervingsprojecten. Waarvan de JSF het bekendste en actueelste voorbeeld is. Hierna volgt deel één van een tweeluik… Boxer en Fennek.

Landmachtdagen2009Teil3080 SHIP_Supply_Dutch_JSS_Diorama_lg

Ik heb me zo vaak geërgerd aan de gemaakte keuzes van de afgelopen jaren. Materieelprojecten waarbij ik onwaarheden aantrof in brieven aan de Tweede Kamer, waarbij er duidelijk favoriete systemen (JSF, Boxer, Fennek, JSS) waren en waarbij de alternatieven bij lange na niet de kwaliteit zouden kunnen leveren als de favoriete kandidaat.  Feiten over alternatieven verdraaid en vertekend. Analyses waarbij gemaakte keuzes werden gebracht als externe factoren waarmee men geconfronteerd werd. Het meest voor de hand liggende voorbeeld is de JSF. Maar ook andere voorbeelden zijn mogelijk:

Lees verder

Alles draait om escalatiedominantie!

Als vervolg op mijn vorige blog, naar aanleiding van de visie van Luitenant-generaal Mart de Kruif op de toekomst van de landmacht, hierbij een tweede blog waarbij ik dieper inga op de reorganisatieplannen van de landmacht en deze vergelijk met het DutchForce21 concept. Ik noem enkele betaalbare suggesties waarmee de kans van slagen van de reorganisatie vergroot worden.

Winstpakkers
De reorganisatieplannen van de landmacht en het korps mariniers zijn erg leuk, en bieden positieve kansen. Maar toch weer even met beide benen op de grond. Deze reorganisatie heeft, naar mijn mening, alleen kans van slagen als men ook bepaalde keuzes maakt en vernieuwingen doorvoert. Deze plannen zijn nog niet bekend maar alles draait uiteindelijk om het genereren van gevechtskracht en het hebben / inzetten van escalatiedominantie.

Escalatiedominantie
De laatste jaren zijn veel grote wapensystemen, met name bij de landstrijdkrachten, afgestoten . Het tekort aan gevechtskracht bij de landstrijdkrachten, is het gevolg van het wegbezuinigen van zowel Leopard 2A6[i] tanks, een groot deel van de Artillerie gevechtssteun en het ontbreken van een adequate vervanging van de PRAT[ii] voertuigen bij cavalerie en gemechaniseerde infanterie eenheden. Ter vervanging van de PRAT is wel de Fennek MRAT [iii]in gebruik genomen maar deze kan bij lange na niet toerijkend zijn omdat het niet mogelijk is van “onder pantser” de geleide wapens te bedienen. Van de ruim 130 MRAT Fenneks zijn er, na de laatste bezuinigingsronde, nog slechts 65 in gebruik. Naast operationele beperkingen betekent dit gemis aan vuurkracht c.q. gevechtskracht ook een gebrek aan veiligheid van de eigen grondgebonden eenheden.

Extended Range Guided Weapon
De KL beschikt momenteel niet over een wapensysteem waarmee escalatiedominantie onder alle omstandigheden direct beschikbaar is. Naast operationele beperkingen betekent dit gemis aan vuurkracht c.q. gevechtskracht ook een gebrek aan veiligheid van de eigen grondgebonden eenheden. Voor een deel kan deze gevechtskracht worden gegenereerd door samen te werken met bijvoorbeeld Duitse tankeenheden. Verder zijn landmacht en mariniers momenteel voor deze gevechtskracht afhankelijk van de gevechtshelikopters en jachtvliegtuigen van de Klu. Ook heeft de infanterie de beschikking over lichte geleide wapens[v] met een beperkt bereik. Deze wapens zijn overigens niet van onder pantser te gebruiken. De bemanning dient het voertuig te verlaten. Géén van deze oplossingen bied echter 24/7 beschikbaarheid, te allen tijde en onder alle omstandigheden.

Of het nu gaat om:

I.            materiële beschikbaarheid,

II.            economische redenen;

III.            politieke redenen

geen van deze drie oplossingen kan gegarandeerde beschikbaarheid leveren onder alle omstandigheden. Daarom gaat het DutchForce21 concept er vanuit dat de KL de beschikking dient te krijgen over een direct inzetbaar systeem [vi](geleid wapen) dat beschikt over voldoende bereik en onder alle omstandigheden kan bijdragen aan het vergroten van de veiligheid van de grondgebonden eenheden.

images

Combat Support: Artillerie, MLRS, Mortieren

  • Moderne lichte artillerie en/of mortieren
  • De huidige mortieren zijn verouderd
  • De huidige artillerie is voor expeditionaire inzet te zwaar
  • Van beide zijn momenteel te weinig stukken operationeel
  • Als aanvulling op de PH2000 155mm artillerie en ter vervanging van de 120mm getrokken mortieren dienen er nieuwe mortieren aageschaft te worden.
  • De mobiliteit van deze stukken is belangrijk.
  • De stukken dienen met name om de gevechtskracht van de met name de lichte infanterie eenheden te versterken.
  • Te denken valt aan de NEMO 120mm mortier[vii], en een gemechaniseerd 155mm artilleriestuk [viii]of een Lichtgewicht MLRS[ix][x].

pzh2000_2 LAND_Archer_155mm_Facing_Forward_lg 39425

Aanpassing gevechtskracht Fennek
De verkenningsvoertuigen van het type Fennek dienen veelal zelfstandig en onder moeilijke omstandigheden hun verkennende werk te doen. Daarbij kunnen zij niet altijd rekenen op artillerie of luchtsteun. Voor de eigen veiligheid beschikken de verkenningsvoertuigen over lichtere kaliber wapens. Tegelijk identificeert DutchForce21 een gebrek aan vuursteun capaciteit bij met name de lichte infanterie eenheden. Dit betreft twee gebieden:

  1. De beschikbaarheid van vuursteun door middel van medium caliber (35mm) directe vuursteun wapens ( als voorbeeld , de geavanceerde RCWS van Cockerill (BE) of de Franse Panhard VBR in het kader van BE-FR-NL samenwerking? Deze wapens passen overigens niet alleen op de Fennek maar ook op de Boxer voertuigen.

b-1024x768-CMI-Defence-Cockerill-CPWS-20-25-30-01Panhard VBR

  1. dmv Geleide wapens met een groot bereik (Extended Range Guided Weapon). Hieronder de huidige manier van opereren met de Fennek MRAT, waarbij de soldaten het voertuig moeten verlaten, het systeem opzetten, lanceren… vluchten naar de veiligheid van de Fennek en dan nog moeten zien weg te komen… of als alternatief:  zoals de Panhard VBR met direct afvuurbare missiles.

Landmachtdagen2009Teil3080imagesCAWUH2AN

Beide genoemde systemen zijn inmiddels in diverse uitvoeringen beschikbaar. Technisch gezien zouden deze Remote controled Weapon Stations bevestigd moeten kunnen worden op de Fennek voertuigen.

Fennek SWP

Het gewicht van het SWP (Stinger Weapon Station – luchtverdedigingsvariant) is 1500 kg, terwijl de benodigde Weapon Stations maximaal 750 kg wegen.  Er zijn inmiddels splinternieuwe Fennek voertuigen vanwege de bezuinigingen afgedankt. Deze zijn nog altijd beschikbaar voor gebruik. Deze kleine aanpassing zou op de gehele krijgsmacht positieve invloed hebben.

  • De verkenningseenheden krijgen de beschikking over directe offensief en defensief inzetbare gevechtskracht.
  • De lichte en gemechaniseerde infanterie krijgen de beschikking over extra vuursteun.

Nog wat alternatieven: OtoMelara Hitrole RCWS, TRT 25 van BAe en Panhard VBR met een Zuid-Afrikaans ALRRT INGWE system

OTO%20Hitfist%2030mm%202 rg34_trt960 OLYMPUS DIGITAL CAMERA


[ii] De Pantser Rups Anti Tank-uitvoering is een tankjager. Ze is uitgerust met een M27 toren met daarin twee lanceerinstallaties voor TOW antitankraketten. Ook beschikt het voertuig over een FN-MAG machinegeweer. In het voertuig is plaats voor nog tien TOW-raketten.

[iii] De Fennek MRAT opereert in tweetallen waarbij de twee voertuigen gezamenlijk één lanceerinrichting hebben en maximaal 10 Spike MR (met een max. bereik van 2500 meter)zie voetnoot 12. De Fenneks worden geacht om gedurende 5 dagen zonder bevoorrading in vijandelijk gebied te opereren zonder gezien te worden. Voor het gebruik dient de bemanning het voertuig te verlaten om op enige afstand van de Fennek de fire-and-forget Spike missile te lanceren. http://www.militairevoertuigen.com/content/2013/04/KRAUSS-MAFFEI-WEGMANN-FENNEK

[v] Dit betreffen Gill (Spike MR bereik max 2500m) en Panzerfaust (bereik max 600m) http://www.defensie.nl/onderwerpen/materieel/bewapening/antitankwapens

[vi] Voorbeeld van een dergelijk systeem: de Spike NLOS familie van de Spike MR/Gill (bereik max 25000m) http://www.rafael.co.il/Marketing/251-1608-en/Marketing.aspx

[vii] NEMO 120mm mortier gemonteerd op BVS10 Viking: https://dl.dropboxusercontent.com/u/36193122/Defensie/Nemo_BvS10.pdf

Landmacht van de toekomst…..

Via de informatieve defensieweblog hebben wij een mooi inkijkje gekregen in de visie van Luitenant-generaal Mart de Kruif op de toekomst van de landmacht.

In deze blog wil ik een analyse maken van de (beperkt) omschreven plannen. De plannen passen niet geheel in die van DutchForce21 maar bieden wel degelijk kansen voor een sterkere en betere landcomponent. Voor de volledigheid betrekt ik ook de Mariniers in deze analyse, zij leveren ten slotte ook 2 manoeuvrebataljons.

Vier pijlers

Veelzijdigheid, internationale samenwerking, focus op inzetgebieden, testen en experimenteren voor toekomstige inzet.  Deze vier pijlers zijn zeer begrijpelijk, gezien de huidige toestand van de landmacht. Over die vier peilers later meer…

Eerst de reorganisatie tegen het licht houden…..

11 AMB blijft zoals het is, versterkt met een eigen BVE, zoals vermeld in de Nota op Prinsjesdag. De brigade wordt geïntegreerd in de Duitse Division Schnelle Kräfte en blijft wereldwijd inzetbaar. De brigade is hiermee onze lichte capaciteit, uniek in Air Assault optreden.

13 Mechbrig gaat helemaal over op wiel, met Bushmasters en MB 280 CDI als kern. De helft van de 88 vrijkomende CV90’s wordt verkocht, de andere helft komt beschikbaar voor opleidingsdoeleinden, verbetering van de inzetbaarheid en de logistieke reserve. België en Frankrijk zijn de belangrijkste partners en het primaire inzetgebied is Afrika. Hiermee krijgt de krijgsmacht een organieke medium capaciteit.

43 Mechbrig blijft onze gemechaniseerde capaciteit, geconcentreerd in Havelte. In de nabije toekomst wordt een pantserinfanteriecompagnie gelegerd in Amersfoort en omgevormd tot test- en experimenteereenheid. Een nog te bepalen Duitse brigade wordt partner, de inzetgebieden zijn vooral Europa, Azië en het Midden-Oosten.

Positieve dingen eerst:

  • De 11e Air Manouvre brigade krijgt een eigen Brigade Verkenning Eskadron? Mooi, maar hoe gaat men dat vorm geven? Krijgt deze eenheid ook de beschikking over de Fennek verkenningsvoertuigen?
  • Samenwerking met België en Frankrijk is voor de hand liggend omdat die landen ervaring hebben met gemotoriseerde eenheden.
  • Een gemechaniseerde brigade gecentraliseerd in Havelte goed voor economisch beheer en beperking van logistieke en facilitaire kosten.
  • Specialisatie van de Brigade’s in verschillende inzetgebieden is op zich ook positief.
  • En nu begrijp ik ook eindelijk dit dit “perspectief” van 2010. waarbij we een bewapende Boxer het strand op zien rijden.. (let op: Boxer is er niet in Amfibische uitvoering….)

SHIP_Supply_Dutch_JSS_Diorama_lg

Voortzettingsvermogen
Het gekozen pad van een lichte-, medium- en (middel)zware component heeft zowel voors als tegens. Ja men krijgt door de omvorming van de 13e Gemechaniseerde in  een gemotoriseerde brigade, de beschikking over een “nieuw” soort eenheid die niet licht en niet zwaar is. Met de juiste middelen kan deze “nieuwe” eenheid ook nog wel enigszins operationeel inzetbaar worden gemaakt, maar de grote vraag is wat betekend deze reorganisatie voor het voortzettingsvermogen van de landstrijdkrachten als geheel?

Lees verder

Ambitieniveau en positiebepaling

Het ambitieniveau van Defensie staat beschreven in de begroting van het ministerie van Defensie. Deze staat al jaren redelijk vast, hoewel je zou mogen verwachten dat bezuinigingen op Defensie daar invloed op zouden hebben. Blijkbaar is men (bewust of onbewust) vergeten het te realiseren ambitieniveau evenredig met de bezuinigingen naar beneden bij te stellen. Defensie moet, zoals gesteld in de begroting van 2013[i], Op hoofdlijnen in staat zijn om:

  • Eenmalige bijdragen aan internationale interventieoperaties met (een combinatie van) een taakgroep van brigadeomvang, een squadron jachtvliegtuigen, een batterij Patriot-raketverdediging, een maritieme taakgroep.
  • Langdurige bijdragen aan stabilisatieoperaties. Aan maximaal twee operaties te land met bataljonstaakgroepen[ii], één operatie in de lucht met acht jachtvliegtuigen[iii], met een eenheid gevechtshelikopters en een eenheid transporthelikopters, en maximaal twee operaties op zee met een fregat, een ander groot oppervlakteschip, een mijnenbestrijdingsvaartuig of een onderzeeboot.
  • Het optreden als lead nation op het niveau van een brigade[iv] of een maritieme taakgroep[v] en, samen met andere landen, op legerkorpsniveau[vi].
  • De uitvoering van speciale operaties in het buitenland, inclusief operaties ter evacuatie van Nederlandse staatsburgers.

Om het ambitieniveau vast te houden dient de krijgsmacht over een minimaal aantal capaciteiten te (blijven) beschikken, er is een zogenaamde ondergrens. Het moge duidelijk zijn dat ook ik vast wil houden aan dit ambitieniveau.

Welke capaciteiten heeft de krijgsmacht nodig?
Bij het opstellen van het concept van de krijgsmacht en het realiseren van het omschreven ambitieniveau dient de krijgsmacht op de lange duur rekening te houden met enkele aspecten:

  • stijgende kosten defensiematerieel;
  • duurzaamheidbeginsel
  • voortzettingsvermogen
  • niche capaciteiten binnen de NAVO en EU

Lees verder