Prinsjesdag: lang verwacht, visie op de toekomst van Defensie?

Verwacht of gevreesd?

Want langzaam aan veranderen willekeurige geruchten en vermoedens [i]in ….. vrijwel zekere realiteit. Als we de geruchten mogen geloven worden sommige bezuinigingen en veranderingen zelfs bevestigd door hoog geplaatste officieren[ii]. En laten we wel wezen de geruchten liegen er niet om: Naast het ten uitvoer brengen van de reeds ingeboekte bezuinigingen, die een zwarte tol zullen eisen van mens en materieel – meer doen met minder menskracht en middelen? Kan dat nog?) Schijnt er ook nog zo’n € 330 aan nieuwe bezuinigingsmaatregelen te komen. De minister heeft tot nu toe beweerd dat de bezuinigingen geen gevolgen zullen hebben voor de operationele eenheden…. Maar hoe kan zo’n bewering in de praktijk standhouden? Zijn er nog onderdelen bij Defensie die “nutteloos” werk deden? Waar zonder meer, en zonder enige operationele gevolgen op bezuinigd zou kunnen worden? Alles wat bij de ondersteunende eenheden en directies bezuinigd zou moeten/kunnen worden moet in de praktijk toch gewoon gedaan worden? Dat betekend toch gewoon dat operationele eenheden diezelfde taken erbij moeten gaan doen?

In het artikel van Trouw van 9 september j.l. staat o.a. het volgende:

Defensie moet boven op de eerder opgelegde bezuiniging van 1 miljard euro nog eens 330 miljoen bezuinigen, onder meer door het afbestellen van een marineschip dat al in aanbouw is en het schrappen van een landmachtbataljon.

‘De wijze waarop invulling gegeven wordt aan de bezuinigingen getuigt niet van een visie’, stelt De Jonge. ‘Het is gewoon strepen tot de boekhouder tevreden is gesteld zonder je al te veel af te vragen in hoeverre je nu nog de gewenste samenhang in de krijgsmacht overeind kan houden.’

Deze extra bezuinigingen zouden dus gerealiseerd worden door een spik-splinter nieuw gebouwd schip af te bestellen! Dit betreft het Joint Support Ship Karel Doorman II) af te bouwen en vervolgens voor een prikkie in de verkoop te gooien…

Hoe vaak is dit (zeer recent) al niet gebeurd?

  • We noemen de Orion’s van de Marine die een zeer kostbare Capability Update programma hebben ondergaan (CUP) en die vervolgens zijn doorverkocht aan Portugal en Duitsland.
  • We noemen de Fennek pantserverkenningsvoertuigen (in verschillende uitvoeringen) die nieuwgebouwd zijn en waarvan een groot deel direct in de mottenballen konden in afwachting van een koper (die niet komt omdat er veel goedkopere nieuwe systemen op de markt zijn)
  • De PH2000 155mm houwitsers, nieuw gekocht, direct in de verkoop. (nog altijd niet verkocht..
  • De PRTL 35mm gemechaniseerde luchtverdedigingssystemen, een dure CUP… en toen in de mottenballen, en dan nu verkocht aan Jordanië voor in totaal  …. € 21 miljoen voor 60 stuks incl reservedelen en munitie…

Ergens is het toch raar dat men het heeft over bezuinigingen door duur betaald en kostbaar materieel weg te “bezuinigen” waardoor er, in feite, incapabele eenheden achterblijven. Incapabel omdat de inzetbaarheid van de eenheden zeer te wensen overlaat. De eenheden zijn niet zelfstandig meer inzetbaar. Ook is het geld voor aanschaf, training en support al uitgegeven. Dat zijn we kwijt zonder enig rendement.

Is het niet zo dat hoe “veelzijdiger” inzetbaar je eenheden zijn des te nuttiger de investering en de exploitatie daarvan is? Wat we straks zullen gaan merken is dat de krijgsmacht nee moet gaan verkopen, omdat we niet over de juiste eenheden en middelen beschikken. Slechts beperkt inzetbaar. Ja een vredesmissie zoals Srebrenica kunnen we dan nog aan. Deze keer echter laten we de zware wapens niet (politiek) bewust thuis, we hebben dan geen andere optie, de zware wapens zijn er tenslotte niet meer. We hebben geen andere keuze. Daar gaat het in feite om, De politiek ontneemt zichzelf de keuze om eenheden “naar gelang de missie” uit te rusten en in te zetten. Voor sommige missies zal Nederland niet meer kunnen leveren. Beslist de regering anders? Dan zijn situaties als Srebrenica onontkoombaar. (antwoord Airpower?)

Ja, we besparen geld door bepaalde eenheden en systemen weg te bezuinigen maar daar is dan ook alles mee gezegd. Wat overblijft zijn eenheden die niet meer optimaal / rendabel kunnen worden ingezet. Dit zijn eenheden die in feite zonde van het geld zijn. Wat heb je aan fregatten die zonder bevoorradingschepen het bereik en de optimale effectiviteit ontbreken?  Als de munitie op is, is het schip nutteloos. Als het schip tijdens een operatie terug moet naar een haven omdat de brandstof op dreigt te raken? Moet het op dat moment de missie staken. Wat heb je aan pantserinfanterie als het hen aan gevechtskracht (dmv tanks en artillerie) ontbreekt? En deze keer na het opheffen van de tankbataljons opnieuw een landmacht bataljon weg te snijden. Misschien goed om toch in dit kader even te verwijzen naar de brede heroverwegingen van het 4e kabinet Balkenende die aan de haal zijn gegaan met de verschillende varianten van het rapport Verkenningen, overigens zonder antwoord te geven op de 5 strategische vragen (p299) waarop de politiek eerst antwoord moet geven voordat men ook maar iets kan en mag wijzigen.

Vijf strategische vragen voor de politiek
Politieke besluiten over de toekomst van de krijgsmacht moeten bovenal berusten op een integrale afweging waarin de belangen en de doelstellingen van het Koninkrijk voorop staan. Bij deze afweging doen zich voor de politiek de hieronder gestelde vijf strategische vragen voor:

  1. Welke militaire bijdrage wil Nederland in internationaal verband en ten opzichte van andere landen leveren? Wat willen we in de wereld betekenen? Voor welke belangen en waarden staan we pal? Wie zijn we?
  2. Welke defensie-inspanning is nodig of wenselijk in het licht van de omgevingsanalyse van de Verkenningen? Hoe gaan we om met de fundamentele onzekerheid over toekomstige ontwikkelingen?
  3. Welke balans moet worden getroffen tussen de bescherming en zo nodig verdediging van het eigen en het bondgenootschappelijke grondgebied en het optreden bij de bron van bedreigingen van onze veiligheid (al dan niet ter bevordering van de internationale rechtsorde)?
  4. Welke bijdrage moet de krijgsmacht binnen de landsgrenzen leveren aan de veiligheid van onze samenleving in het licht van de groeiende kwetsbaarheid voor maatschappelijke ontwrichting?
  5. Welke afhankelijkheden van andere landen kan Nederland op veiligheid- en defensiegebied aanvaarden? Tot welk punt willen we onze autonomie behouden?

Ik ben benieuwd of de minister (eindelijk) in staat is om op bovengenoemde vragen antwoord te geven in de visie. Ik ben ook benieuwd of de minister de beoogde aanschaf van (veel te weinig) JSF toestellen werkelijk kan rechtvaardigen. Is de aanschaf van de JSF het werkelijk waard om voor de rest de krijgsmacht volledig af te breken en volledig te vertrouwen op Airpower door een handvol JSF en een handvol Apache.

Ik sluit af met de volgende oproep, zoals het ook in het rapport Verkenningen staat verwoord: (p298)

Bovenal moet bij ieder besluit over de krijgsmacht het evenwicht tussen ambitie, taken en middelen zijn gewaarborgd. Is dit niet het geval, dan worden de politieke beleidsdoelstellingen niet gehaald. Ook wordt de krijgsmacht dan sluipenderwijs uitgehold. Dat is niet verantwoord tegenover het personeel van Defensie, van wie herhaaldelijk bijzondere inspanningen worden gevraagd.

Uit de Verkenningen blijkt dat een besluit ter verhoging van het niveau van defensie-uitgaven met structureel 1,5 miljard euro in de periode 2020 tot 2030 een aanzienlijke versterking van de krijgsmacht mogelijk zou maken in aanvulling op de opheffing van structurele knelpunten in de bedrijfsvoering. De omgevingsanalyse van de Verkenningen geeft vooralsnog geen aanleiding een dergelijke vergaande verhoging te overwegen, al valt de noodzaak daarvan in de toekomst niet uit te sluiten.

Een besluit ter verlaging van het niveau van defensie-uitgaven met structureel 1,5 miljard euro zou tot het tegenovergestelde effect leiden: een vergaande verkleining van de krijgsmacht en een dienovereenkomstige verlaging van het ambitie- en activiteitenniveau. De omgevingsanalyse van de Verkenningen geven echter evenmin aanleiding tot een verlaging van de defensie-inspanning. De professionaliteit, de kwaliteit en de geloofwaardigheid van de krijgsmacht zouden dan eveneens ernstig in het geding komen. Een verlaging van het niveau van defensie-uitgaven met 1,5 miljard euro in de periode 2020 tot 2030 is alleen mogelijk bij een aanzienlijke verlaging van het ambitie en activiteitenniveau en vergaande keuzes ten aanzien van het takenpakket van de krijgsmacht. Bij een dergelijke verlaging is een zodanige vermindering van de gevechtskracht aan de orde dat van een veelzijdig inzetbare krijgsmacht geen sprake meer is.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s